De wereld van Tony De Voeger: "Wat je kan leren van een boerin uit Nieuwerkerken"
- Tony De Voeger

- 4 uur geleden
- 2 minuten om te lezen

Het is zaterdag 24 januari. Hij zit in het Cosmocafé met een dure fles champagne. Hij heeft geen zin in de markt die buiten staat. Het is veel te koud en de markt is elke week dezelfde markt, hij trapt er niet meer in.
Ooit zat hij in een restaurant en ontdekte hij dat er een haar in zijn soep zat. Hij riep de garçon bij zich en vertelde over de haar die al zwemmend naar hem keek. “Excuseer mijnheer, ik zal aan de kok vragen of hij een nieuwe ketel soep voor u kookt.”
De man geloofde de garçon. Hij zag de chef al ajuinen snijden en bouillon trekken, maar het probleem was dat hij de kok ook echt kon zien. Het restaurant had een open keuken. De man zag de kok flierefluiten. Hij sneed geen ajuin, nee, hij was een voetbalwedstrijd aan het kijken op zijn telefoon. Toen pakte de kok een vork en viste de haar eruit, plaatste de kom in een vooroorlogse microgolfoven en ging leunend tegen de frigo verder naar de voetbal kijken. De microgolfoven piepte en de kok schonk de soep vanuit de oude kom in een nieuwe kom. De lepel veegde hij schoon met een schotelvod en toen riep hij de garçon. Het was geen nieuwe soep, het was de oude soep zonder de haar.
Hij kijkt naar de mensen die buiten op de markt hun wekelijkse aankopen doen. Ze kopen en ze dragen tassen waar hun armen langer van worden. Een man met een hoed neemt een hap uit zijn hot-dog. Hij bijt en lacht; “Lekker. Echt lekker!”
“Zo, jij bent de mensen hier stevig aan het uitloeren", zegt een vrouw, voordat ze naast hem gaat zitten. Ze ruikt naar warme vanillepudding en naar een deodorant die niet van haar is.
“Heb je die deodorant van iemand anders geleend?” vraagt hij. “Hoe ruik ik dan?” “Als een boerin uit Nieuwerkerken die voor het eerst in haar leven naar de markt gaat.” “Mag ik eens aan jou ruiken dan?” De vrouw ruikt aan hem. Haar wipneusje glijdt over het zachtste gedeelte van zijn hals.
“En?” “Je hebt geen parfum op.” “Dat klopt. Ik heb nooit aan die zever meegedaan. Mijn geur is mijn geur. Ik hoef niet naar Charles Bronson te ruiken die op een versleten wit paard door de woestijn van Death Valley galoppeert. Ik wil niemand voorliegen.”
“Dat siert je, maar je stinkt wel verschrikkelijk. Wat zijn jouw plannen nog voor vandaag?” Zelf koken en niet doodgaan. En jij?” “Ik wil stoppen met Tinder en meer seks.” “Haha, ben je nu serieus?” “Nee, ik zit helemaal niet op Tinder. Boerinnen uit Nieuwerkerken hebben die dingen helemaal niet nodig. Kijk er zit een haar in je champagne.” Hij kijkt in zijn glas en ziet een lange blonde haar drijven. Zij pakt het glas uit zijn handen en drinkt de champagne in twee grote slokken op.





Opmerkingen